Mongolië...Eindeloos!

Het gist hier in de gerwijken van Mongolië

E-mail Print
Donderdag 29 oktober 2009 | NRC Handelsblad

Het gist hier in de gerwijken van Mongolië
Mongolië profiteert van de hoge grondstoffenprijzen. Maar de nomaden morren in hun gertenten, want ook zij willen geld zien.

De Boulevard van de Vrede in de Mongoolse Hoofdstad Ulaan Baatar heeft een nieuwe asfaltlaag gekregen. Het verse teer schittert in de zon, terwijl meisjes over de populaire boulevard in het hart van de stad huppelen en een paar jongens staat te popelen om hun nieuwe/dure auto’s te showen.

De hoge wereldprijzen van koper, goud, uranium, steenkolen en kasjmier  zorgen ervoor dat de Mongoolse economie al jaren met bijna 10% groeit. Hierdoor veranderd het straatbeeld; groeiende kantoorgebouwen, kolossale reclameborden en digitale kleuren verlichten de stad.
Tot de wereldwijde economische crisis was Mongolië het enige land in postcommunistisch Centraal Azië dat democratie hand in hand liet ging met economische bloei en vooruitgang. Maar dat veranderde allemaal met de komst van de economische crisis.
De grondstofprijzen daalden, de mijnbouwinkomsten verdampten, ondersteunende sectoren als retail en dienstverlening zagen hun inkomsten kelderen; er volgde een kettingreactie.
Geleend geld kon niet worden terugbetaald, banken raakten in de problemen, de kredietverstrekking stokte, de bouw kwam stil te liggen en gebouwen bleven onafgemaakt.  

Arshad Sayed, het Pakistaanse hoofd van de Mongoolse afdeling van de Wereldbank, praat:
‘Het was de boom en bust in de grondstoffensector die dit land hard onderuithaalde. Voor 2009 wordt de economische groei geraamd op hooguit 2 procent.’

Maar de grondstofprijzen krabbelen inmiddels alweer op. En hoe. De goudprijs breekt records en koper is terug op de helft van het record van 2008. Opnieuw staat Mongolië een groeispurt te wachten, ditmaal nog indrukwekkender. Binnen niet al te lange tijd zal er een begin worden gemaakt met een aantal nieuwe mijnbouwprojecten waarbij alle vorige zullen verbleken.
Hoofdredacteur Bolormaa Luntan van maandblad The Mongolian Mining Journal zegt: ‘Er is genoeg om een nieuw tijdperk van ontwikkeling in te gaan.’
Hierbij gaat de aandacht uit naar de Gobiwoestijn waar ’s werelds grootste winbare koperreserve en op één na grootste goudreserve zich bevinden.
Eerder deze maand werd er met het Canadese mijnbouwbedrijf Ivanhoe een langeverwachte miljardendeal gesloten. Volgens Oyungerel Tsedevdamba, adviseur van de Mongoolse president, zijn dé mijnen de hoop van Mongolië.

De boom duurde echter te kort om ook de armen te bereiken; 36 procent van de bevolking leeft nog van 1 of 2 dollar per dag, zoals de straatkinderen die ‘s winters in de riolen slapen omdat de waterleidingen nog wat warmte afgeven. Sinds de groei in 2005 begon is dat percentage ongewijzigd gebleven. Enkel en alleen de kleine elite breidde zich met nieuwe rijken uit en er ontstond een middenklasse.

Onder de honderdduizenden Mongolen in de gerwijken heerst ontevredenheid nu zij de nieuwe rijkdom zien. Het volk mort. De machthebbers zouden alleen aan zichzelf denken. De buitenlandse mijnbouwbedrijven zouden het land wurgcontracten opdringen. De roep om meer, voor Mongolië - maar vooral ook voor de arme Mongool - klinkt elke dag luider. Het gist in de gerwijken.

De politiek heeft lucht gekregen van de ontevredenheid onder de bevolking. Tussen de regerende MPRP (de voormalige Communistische Partij) en de Democratische Partij, de belangrijkste oppositiepartij, woedt een felle strijd. De oppositie eist wijziging van de mijnwet die erg gunstig is voor buitenlandse bedrijven. De ex-communisten slaan terug door een nog groter belang voor Mongolië te eisen.

Altijd als er ineens geld binnenstroomt in arme landen, groeit de corruptie met de dag. Zo ook in Mongolië. President Elbegdorj beloofde bij zijn aantreden dit jaar de vloer aan te vegen met corrupte politici en ambtenaren. Maar zijn eerste stap als staatshoofd was amnestie verlenen aan 2.000 mensen, van wie velen vastzaten voor corruptie.

In een zeldzaam interview met de buitenlandse media zei de president dat zijn land dankzij de grondstoffen bij de tien rijkste landen ter wereld hoort, per hoofd van de bevolking gerekend.

Volgens hoofdredacteur Luntan klopt dat in potentie. Maar zij zegt ook: ‘Als we wijze beslissingen nemen, worden we welvarend. Maar nemen we de verkeerde beslissingen, dan gebeurt waarschijnlijk het tegenovergestelde.’